Walter Trout is in 1951 geboren in Atlantic City, Amerika. Op twaalfjarige leeftijd krijgt hij een gitaar van zijn broer en ondanks dat hij al jaren niet onverdienstelijk trompet speelt, gaat die al snel voorgoed de koffer in. In het begin zijn het vooral deBeatles die hem stimuleren om gitaar te gaan spelen. Ook mensen als B.B. King en Muddy Waters hebben een grote invloed op hem, maar de meeste invloed heeft gitarist Michael Bloomfield. Walter zegt over hem: "Hij speelt dingen drie keer zo snel als een ander en ik zal altijd proberen om die stijl te evenaren".

In zijn eerste (school)bandjes speelt de jonge Walter echter geen gitaar, maar mondharmonica. In die tijd speelde hij met zijn band in hetzelfde circuit als een andere band, genaamd Steel Mill. De zanger en gitarist van die band was Bruce Springsteen, die later uit zou groeien tot een van de grootste rocksterren van de laatste twintig jaar. Als Walter zestien jaar is, verhuist hij van Atlantic City naar New Jersey en krijgt hij de gelegenheid om als gitarist in een band aan de slag te gaan. Dit is de band van Louisiana Red, waar hij vier jaar mee samenspeelt.

In 1973 verhuist Walter naar Los Angeles waar hij een aantal jaren in diverse clubbands speelt. In deze periiode doet hij ook enorm veel ervaring op bij artiesten als John Lee Hooker, Joe Tex en Percy Mayfield. In 1979 wordt hij gitarist bij Canned Heat. Vijf jaar speelt hij in die band als hij in 1984 kennis maakt met John Mayall en in zijn band The Bluesbreakers gaat spelen. Ook in deze band speelt hij vijf jaar als hij in 1989 op een avond de zangpartijen van John Mayall overneemt, omdat deze te ziek is om op te treden. Een paar mensen van een kleine Deense platenmaatschappij zijn zo onder de indruk van de zang en het gitaarspel van Walter dat ze hem na afloop aanbieden om een eigen band samen te stellen en een tournee door Scandinavie te ondernemen. Walter denkt twee weken na over het aanbod en neemt op zijn verjaardag ontslag bij John Mayall. Walter stelt een eigen band samen met Jimmy Trapp op basgitaar, Daniel 'Mongo' Abrams op hammond orgel en drummer Leroy Larson. Ze toeren door Scandinavie en nemen in 1990 het eerste album op, genaamd 'Life In The Jungle'. Op dit album staan naast een aantal studionummers ook vier live-nummers, opgenomen tijdens het Midtfyn Festival in Denemarken.

Het tweede album, 'Prisoner Of A Dream' komt een half jaar na het debuutalbum uuit en is het eerste echt complete studio-album van de band. Drummer Klas Anderhel zit achter de drumkit tijdens de opnamen van het album en tijdens de bijbehorende toernee. In oktober van 1992 komt 'Transition' uit en dit is het derde album van de band. Dit maal zit Bernie Persley achter het drumstel en daar zal hij niet snel meer achter vandaan gaan. Na drie albums komt het live-album 'Live, No More Fishjokes' uit met daarop een verzameling van de beste Trout-nummers en een aantal nummers van anderen.

In 1994 komt het album 'Tellin' Stories' uit met Martin Gerschwitz achter de keyboards. Hij heeft de plek van Daniel 'Mongo' Abrams overgenomen. Vooral het nummer 'Please Don't Go', dat over het overlijden van Walter's moeder gaat, laat een diepe indruk achter.

Het zesde album 'Breaking The Rules' verschijnt in 1995 en werd geproduceerd door Walter zelf omdat hij nu alle touwtjes in handen wil hebben en om de echte Walter Trout-sound op het album te krijgen.

In 1997 komt er een nieuw studioalbum uit. Het album heet 'Positively Beale Street' en is opgenomen in Memphis samen met producer Jim Gaines, die in het verleden albums van Stevie Ray Vaughan, Huey Lewis & The News en Steve Miller heeft geproduceerd. Op dit album zit Rick Elliot achter het drumstel omdat Bernie Pershey wegens gezondheidsredenen niet meer kon drummen. Rick Elliot gaat ook met de band mee op toernee, maar in 1998 komt Bernie terug in de band. Martin Gerschwitz besluit uit de band te stappen om verder te werken aan zijn solo-projecten en zijn vervanger is Paul Kallestad, die net als 'Mongo' vroeger een Hammond orgel bespeelt. De band gaat weer op tournee en laat een verpletterende indruk achter.

In 1998 brengt de band z'n nieuwe platenmaatschappij Ruf Records in Amerika het 'Positively Beale Street' album uit met als titel 'Walter Trout'. Hierop staan dezelfde nummers als op 'Positively Beale Street', maar de volgorde van de nummers zijn iets anders zo-ook de cover en het boekje.

In 1999 komt het album "Livin' Every Day" uit. Ook dit album is in Memphis, samen met producer Jim Gaines opgenomen. Voor het eerst is Paul Hallestad, de nieuwe Hammond-orgel speler te horen op een Trout-album. De groepsnaam is veranderd in Walter Trout and the Free Radicals.

In 2000 komen er twee live-albums uit, nl. 'Face the Music (live on tour)' en 'Live Trout'. Deze laatste is een dubbelalbum opgenomen op het Tampa Bay Blues Festival in maart 2000.

In januari 2001 is de naam van de band wederom verandert, dit omdat er al een band in Amerika de naam 'the Free Radicals' draagt. De nieuwe naam luidt: 'Walter Trout and the Radicals'.

De naam van het nieuwe album luidt: 'Go The Distance' en ligt sinds 22 mei 2001 in de winkels. Paul Hallestad maakt geen deel meer uit van de band en is vervangen door Bill Mason. Net na het nieuwe album verlaat Bernie de band, hij wil meer tijd met zijn gezin doorbrengen.Het is een komen en gaan bij de band, Bill Mason is reeds weer vervangen door Sammy Avila. Ook in drummerland is het weer raak,

Kenny heeft zijn werk gedaan (en echt goed als ik het mag zeggen) en is (heel) kort vervangen door Wess Johnson. Doordat na verloop van tijd deze Wess Johnson niet echt in de band bleek te passen, is zijn plaats begin april 2002 ingenomen door Joey Pafumi.

Medio 2003 neemt de band een heuse live CD/DVD op in Paradiso, Amsterdam. Deze verschijnt eind augustus van datzelfde jaar onder de naam ‘Relentless’ in de winkels en is meteen een groot succes, zowel in Europa als in Amerika.

Het hele jaar 2004 wordt besteed aan het toeren en er verschijnt geen album van de band.

Begin 2005 verschijnt het verzamelalbum ‘Deep Trout’, The Early Years Of Walter Trout. Op dit album staan, zoals de subtitel al doet raden, nummers uit het begin van Walter’s solocarrière toen hij nog onder contract stond bij het Provogue-label. Naast deze staan er ook een aantal bijzondere nummers op, waaronder een oude opname uit 1973 van het nummer ‘So Sad To Be Lonely’, waar je Walter hoort zingen en gitaarspelen in zijn toenmalige band. In Amerika wordt ditzelfde album, met enkele andere nummers, uitgebracht door Walter’s huidige platenmaatschappij Ruf-Records.

Op 24 augustus 2005 overleed bassist "vanaf het eerste uur" Jimmy Trapp aan de gevolgen van een zware beroerte. Omdat Jimmy al langere tijd ziek was, was er al een vervanger voor hem in de persoon van Rick Knapp. Na het overlijden van Jimmy blijft Rick in de band en blijkt een frisse, energievolle invloed op de band te hebben. Binnen de kortste keren heeft hij zijn eigen plek in de band bemachtigd.

In 2006 komt een grote wens van Walter uit als hij samen met bevriende muzikanten als John Mayall, Jeff Healey, Coco Montoya, Eric Sardinas, Joe Bonamassa, James Harman en anderen het album ‘Full Circle’ op neemt. Op dit album verkennen Trout en zijn vrienden de grenzen van het bluesgenre en laten horen hoe de blues vroeger klonk, hoe hij nu klinkt en hoe hij in de toekomst zal klinken. Een prachtig eerbetoon aan de blues!

Als de band tijdens de aansluitende ‘Full Circle’-tournee in Londen moet spelen heeft Sammy problemen met zijn B3 orgel. Ze krijgen het apparaat niet tijdig gerepareerd en dus zit er niets anders op dan als trio het podium op te gaan. Hierdoor krijgt het gitaarspel van Walter nog meer ruimte en op deze avond ontstaat het idee om éénmalig een tournee te gaan doen als power trio. Ze plannen in april 2007 een twaalftal optredens voor deze zogenaamde ‘Hard Core Blues Rock’ tournee, waarin ze naast ons land ook Groot Brittannië en Duitsland aandoen. Tijdens deze tournee speelt de band naast eigen werk ook covers van onder andere de Rolling Stones, Cream, Buddy Holly en John Lee Hooker. Van deze tournee verschijnt in april het in eigen beheer uitgebrachte live album ‘Hardcore’.

Eind 2007 maakt Walter bekend dat hij geen nieuw contract zal tekenen bij Ruf records en dat hij een vernieuwde samenwerking aan gaat met het Nederlandse platenlabel Provogue, waar hij al eerder onder contract heeft gestaan. Het label wil voet aan de grond krijgen in Amerika en het nieuwe album van Walter zal het eerste album worden dat het label daar uit zal brengen.

Begin 2008 maakt drummer Joey Pafumi bekend dat hij de band zal verlaten en tijdens de opnamen van het nieuwe studioalbum 'The Outsider' werkt Walter samen met drummer Kenny Aronoff (o.a. Melissa Etheridge, John Mellencamp) en bassist James Hutchinson (o.a. Bonnie Raitt). De producer is dit keer John Porter, die onder andere gewerkt heeft met Roxy Music, Buddy Guy en Ryan Adams. Radical Sammy Avila bespeelt de Hammond B3 en Walter's bassist Rick Knapp speelt mee op het titelnummer, dat hij samen met Walter geschreven heeft.

Als nieuwe drummer wordt Michael Leasure aangenomen. Hij heeft onder andere samengewerkt met Edgar Winter en Albert Collins. Hij zit dan ook vanaf het begin van de 'The Outsider' toernee achter de drumkit

In 2009 komt, ter gelegenheid van het feit dat Walter 20 jaar zijn eigen band heeft, het album 'Unspoiled By Progress' uit. Op dit album staan een verzameling nummers die deze hele periode bestrijken. Er zijn onder andere live-opnamen op te vinden van het eerste optreden van de band in ons land en nummers van een radiosessie voor de BBC. Ook staan er een drietal nieuwe studio tracks op.

Medio 2010 komt Walter's 19e soloalbum uit, genaamd 'Common Ground'. Net als bij het vorrige album is John Porter aangetrokken als producer en ook deze keer zijn Kenny Aronoff en James 'Hutch' Hutchinson van de partij. Jon Cleary heeft de piano en keyboardpartijen voor zijn rekening genomen. Het album herbergt allemaal nieuwe Trout composities, waarvan hij er één heeft geschreven met Timothy P. Jahnigen, de man waarmee hij al eerder samenwerkte op het nummer 'Say Goodbye To The Blues'.

April 2012 verschijnt het studioalbum ´Blues For The Modern Daze´. Het schijfje bevat 15 door Walter geschreven tracks. Volgens Walter is country-bluesman Blind Willie Johnson een grote inspiratiebron geweest bij de totstandkoming van het album.

Het is juni 2013 als er een grote wens van Walter in vervulling gaat. Dan verschijnt namelijk het album 'Luther's Blues - A Tribute To Luther Allison'. Zoals de titel al doet vermoeden is het een album met nummers die geschreven zijn door bluesartiest en vriend van Walter, Luther Allison. Het album telt 12 nummers die door Walter op zijn eigen wijze opgenomen zijn en 1 nummer die door Walter geschreven is.

Tijdens de toernee die volgt op het Luther Allison tribute album is te zien dat het niet goed gaat met Walter. Later blijkt dan ook dat Walter zijn lever niet meer werkt en dat hij een nieuwe lever moet hebben. Hij komt op een wachtlijst te staan en zal uiteindelijk medio 2014 in Omaha een levertransplantatie krijgen. De kosten voor de operatie, het verblijf in het ziekenhuis en de kosten voor onderhoud die Walter misloopt omdat hij niet op kan treden, worden deels door de fans van over de hele wereld betaald door middel van een fund-raise actie.

Ondanks zijn ziekte weet Walter de kracht te vinden om ook in 2014 een album uit te brengen: 'The Blues Came Callin'. Zoals te verwachten is dit een erg emotioneel en donker album, waarop Walter verteld over zijn situatie.

Bassist Rick Knapp heeft ondertussen de band verlaten om bij Jimmy Thackery te gaan spelen. Johnny Griparic neemt zijn plaats in de band in en geeft de band nieuwe energie.

Op 15 juni 2015 staat Walter voor het eerst na zijn levertransplantatie weer op het podium. In de Royal Albert Hall in Londen speelt hij op het Ledbelly Festival onder andere ´Say Goodbye To The Blues´ als hommage aan de onlangs overleden B.B. King.

In oktober 2015 verschijnt het nieuwe album 'Battle Scars', wat het verhaal vertelt vanaf het moment dat Walter ziek werd tot aan het moment dat hij een nieuwe lever kreeg en, zoals hij het zelf zegt, een nieuw leven kreeg. Het is een van de beste albums van Walter en de energie spat werkelijk uit de boxen. Walter is weer helemaal terug en niet voor niets heet de bijbehorende toernee 'I'm Back!'.

Op 27 november 2015 ontvangt Walter in Amsterdam de SENA European Guitar Award, een prijs voor gitaristen die veel betekenen voor de elektrische gitaar. In het verleden hebben Slash, Brian May, George Kooijmans, Jan Akkerman en Adje Vandenberg de prijs ontvangen.

Een dag later speelt Walter in een uitverkocht Carre een bijzonder concert om te vieren dat hij 25 jaar als solo artiest in het vak zit.

Op 17 juni 2016 verschijnt het nieuwe live album 'ALIVE In Amsterdam', dat opgenomen is op 28 november 2015 in Carre, Amsterdam.

Terug naar de hoofdpagina